Covid-19 in Brussel: snel schakelen tussen terrein en beleid.
Hoe de Brusselse gezondheidsautoriteit de tracing in kwetsbare sectoren coördineerde, en zich voorbereidde op elke nieuwe golf.
Brussel
De uitdaging
Tijdens de covid-19-pandemie moest het Brussels Gewest de uitbraken indammen die zich als clusters verspreidden. Het federale contactcenter belde individuele personen op. Ik was verantwoordelijk voor de tracing op het niveau van sectoren: alle uitbraken die gelinkt waren aan een organisatie, zoals scholen, woonzorgcentra en sportclubs.
Clusters doken snel op en de maatregelen veranderden voortdurend. Beleid en terrein moesten continu op elkaar afgestemd blijven, en beslissingen konden niet wachten.
Een groot deel van het werk draaide rond daklozen. De coördinatie en opvolging gebeurden vaak samen met het Rode Kruis en andere vrijwilligersorganisaties. Omdat daklozen vaak ook met onderliggende problemen kampten, was het telkens balanceren om de best mogelijke acties te bepalen, en af te wegen wat op korte termijn het meest zou helpen.
Mijn aanpak
Ik coördineerde de tracing over alle sectoren heen en volgde de clusteruitbraken op. Ik zorgde voor een continue wisselwerking tussen beleidsmakers en de mensen op het terrein, zodat maatregelen, ondersteuning en planning snel mee konden bewegen met de noden van dat moment.
Voor elke nieuwe golf bereidden we ons voor en onderzochten we de impact van de vorige.
Het resultaat
Als deel van een breder team droeg ik bij aan een toekomstgerichte visie en een blauwdruk om tracing te organiseren bij volgende covid-golven en mogelijke toekomstige epidemieën.
Moet het snel gaan, onder druk?
Ik breng structuur en rust, ook als de omstandigheden elke dag veranderen.